Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare werken

Deze regering steekt 635 miljoen extra in mobiliteit

Deel: LinkedIn

Het Belang van Limburg | De wittebroodsweken van Lydia Peeters (Open Vld) zijn voorbij. Al meteen een staking van negen dagen bij De Lijn te verwerken krijgen: de nieuwe minister van Mobiliteit en Openbare Werken weet waar ze aan toe is. “Het is zeker niet mijn ultieme doel om De Lijn te privatiseren, ik wil wel een performant en modern overheidsbedrijf.”

Wie een jaar geleden voorspeld zou hebben dat Lydia Peeters (50) minister van Mobiliteit en Openbare Werken zou worden in de volgende Vlaamse regering, zou wellicht op hoongelach zijn onthaald. Maar kijk, we zijn november 2019 en op minder dan een jaar tijd groeide de relatief onbekende burgemeester van Dilsen-Stokkem uit van stille parlementaire dossiervreter tot liberale leading lady.

De onverwachte weg omhoog begon in januari, toen Bart Tommelein de vorige Vlaamse regering verruilde voor het stadhuis van Oostende. Het was de periode waarin er net politieke ophef was ontstaan over de louter mannelijke samenstelling van de Regentenraad van de Nationale Bank. Door Peeters naar voren te schuiven als opvolger op Energie, Financiën en Begroting kon Open Vld-voorzitter Gwendolyn Rutten een signaal geven. Maar hoewel Peeters het zeker niet slecht deed op een moeilijk kabinet, hadden weinigen verwacht dat haar ministeriële carrière nog een langer vervolg zou krijgen.

U bent relatief onverwacht opnieuw minister geworden.

“Ja? (lacht). Het heeft lang geduurd, dat klopt. Op de avond van het programmacongres (de goedkeuring van het regeerakkoord door Open Vld, nvdr) was duidelijk dat Bart Somers minister zou worden, maar de tweede post was nog niet ingevuld.”

De naam van Maggie De Block circuleerde toen.

“Toen ik ’s avonds naar huis reed, las ik die Twitter-berichten, maar dat verhaal klopte niet.”

Had u die avond het gevoel dat u kans maakte?

“Ik was natuurlijk tien maanden minister geweest, maar ik was tegelijk ook heel gelaten daarin. Ik vond het heel boeiend, maar een jaar geleden was mijn bekommernis nog om burgemeester te worden. We zullen dus wel zien, dacht ik.”

Gwendolyn Rutten wilde die nacht nadenken over haar eigen carrière. Velen verwachtten haar als nieuwe minister.

“Als het Gwendolyn was geworden, had ik dat begrepen. Als het iemand anders was geworden, had ik het daar moeilijker mee gehad. Gwendolyn had tot het einde intens mee onderhandeld. Maar iedereen zei die avond al dat ze het niet zou worden. Alleen was dat congres vrij emotioneel. Ze werd bedankt voor de onderhandelingen. Dan heeft ze misschien gezegd: ik neem de beslissing morgenvroeg. Want je weet ook niet hoe het verder loopt. Stel dat we er federaal niet bij zijn.”

De volgende ochtend, een paar uur voor de voorstelling van de nieuwe Vlaamse regering, kreeg u plots telefoon.

“Ik stond op het punt om te vertrekken naar Brussel toen Gwendolyn mij belde. Eindelijk, dacht ik (lacht), ook al wist ik nog niet wat de beslissing was. Toen vroeg ze of ik het wilde doen. Uiteraard heb ik ja gezegd. Die vraag krijgen geeft voldoening, het is een blijk van waardering.”

In maart houdt uw partij voorzittersverkiezingen. Welke richting moet Open Vld uitgaan? Die van de harde, economisch rechtse lijn, of de meer links-liberale kant?

“Ik denk dat we vooral moeten focussen op datgene waar we sterk in zijn. Dat is het economische en het fiscale verhaal. Maar in plaats van linkser of rechtser, moeten we vooral opnieuw groeien.”

Wie vindt u dat de nieuwe voorzitter moet worden?

“Ik ga geen namen noemen, maar ik vind zelf dat Gwendolyn het heel goed heeft gedaan. Ze heeft ook nog altijd een heel groot draagvlak binnen de partij. Wat mij betreft kan Gwendolyn zichzelf opvolgen, maar ik hoor ook geruchten dat Bart Tommelein zich kandidaat wil stellen. Zelf zal ik geen kandidaat zijn (lacht).”

De nieuwe voorzitter zal de achteruitgang van Open Vld wel moeten stuiten. Uw partij kalft verkiezing na verkiezing af.

“In Limburg zijn we status quo gebleven, maar we zijn inderdaad over onze gouden periode van eind jaren 90, begin jaren 2000 heen. Het is op dit ogenblik een beetje zoeken. Hoe kunnen we weer sexy worden bij de kiezer? Ik geloof in die zin wel in de herbronningscongressen uit het verleden, om de schwung er opnieuw in te brengen.”

Is het probleem van Open Vld niet dat de partij te veel haar wagonnetje aan de N-VA heeft gekoppeld? Ook die partij profileert zich als economisch rechts-liberaal. Wat is het verschil?

“Kijk naar de commissie Ruimtelijke Ordening in het Vlaams Parlement. Daar was N-VA vaak veel linkser, trekt ze veel meer de groene kaart dan wij ooit zouden doen. Voor Open Vld blijft het eigendomsrecht heel belangrijk. Woensdag hadden we nog een discussie over de onteigeningen voor fietspaden. We willen allemaal onze fietsinfrastructuur verbeteren. Maar dat wil niet zeggen dat ik daarom uw grond ga afnemen. Dat kan maar als er een realistische vergoeding tegenover staat.”

Uw partij zit nog altijd mee in de federale onderhandelingen. De Gentse burgemeester Mathias De Clercq was daar heel duidelijk over. Ga voor paars-groen, zegt hij. Wat vindt u?

“Ik vind de kleuren van de toekomstige regering minder belangrijk. In eerste instantie moet er een regering komen.”

De vraag is of uw partij een probleem heeft met een regering zonder meerderheid in Vlaanderen.

“De twee grootste partijen, PS en N-VA, moeten hun verantwoordelijkheid nemen en met elkaar willen praten. Als dat niet gebeurt, is het aan de volgende.”

U hebt dus geen probleem met paars-groen?

“We moeten een regering vormen. Ik hou geen pleidooi voor paars-groen, noch paars-geel.”

Maar u stelt ook geen veto meer tegen een regering met een Vlaamse minderheid, zoals uw partij meteen na de verkiezingen deed.

“Wat mij betreft zijn er geen veto’s. Behalve tegen de ondemocratische partijen.”

De uitspraken van De Clercq hadden in ieder geval wel het voordeel van de duidelijkheid. Zijn de liberalen niet gewoon te vaag vandaag door alle opties open te houden?

“Wij zijn liberalen, iedereen mag vrijuit spreken. Mathias De Clercq heeft in Gent een paarse meerderheid. Voor hem is het iets gemakkelijker om dat te zeggen. Maar we weten ook dat als we straks een paars-groene regering krijgen die een aantal linkse klemtonen zal leggen. Dat zal niet zo evident zijn.”

Stel dat paars-groen er komt en N-VA federaal niet meedoet, welk effect zal dat hebben op deze Vlaamse regering?

“Dat zal het niet gemakkelijker maken hier. Maar opnieuw: als bepaalde partijen niet praten, nemen ze hun verantwoordelijk niet. En dat zal straks zijn consequenties hebben als er geen gelijklopende regeringen zijn.”

N-VA, CD&V en Open Vld hebben nochtans op Vlaams niveau afspraken gemaakt om er bovenal geen kibbelregering van te maken.

“Dat klopt. Ik hoop dat iedereen zich dan aan die afspraak houdt. Aan kibbelen heeft de kiezer helemaal niks.”

De kiezer lijkt vooral wakker te liggen van migratie vandaag. Hoe hebt u de afgelopen week beleefd met de brandstichting in het asielcentrum in Bilzen?

“Toen ik hoorde dat er kwaad opzet in het spel was en dat er mensen stonden te applaudisseren, kreeg ik er koude rillingen van. Dit is een schande. Over de reacties kan ik geen goed woord zeggen. Als je zelf in nood bent, zou je toch ook willen dat er opvang is?”

De vraag lijkt vooral: hoe leg je de komst van zo’n asielcentrum als overheid uit aan de bevolking.

“Iedereen heeft recht op opvang, het is aan ons als overheid om de onrust weg te nemen en te zorgen voor een draagvlak. Maar we hebben toch op verschillende plaatsen asielcentra. Is dat nu zo’n groot probleem?”

Zijn we onverdraagzamer geworden?

“Dat sowieso. En die onverdraagzaamheid wordt ook bewust gevoed door een aantal politieke partijen.”

Over welke partijen heeft u het dan?

“Over Vlaams Belang, ik denk dat dat duidelijk is. Zij voeden de verzuring.”

Over onvrede gesproken, ook over uw eigen bevoegdheden is er onvrede. Bij De Lijn werd negen dagen op rij gestaakt. Er zijn te weinig chauffeurs, ze kunnen hun rust niet opnemen,... Het openbaar vervoer in Vlaanderen lijkt in een crisis te verkeren.

“Sinds ik ben aangetreden is er alleen maar negatieve berichtgeving rond De Lijn, maar ik denk dat er op dit moment vooral een perceptieprobleem heerst. De Lijn is een organisatie van 7.000 mensen, onder wie ruim 5.500 chauffeurs. Ik ben de afgelopen weken met iedereen gaan praten. Niet alleen met de directie en de raad van bestuur, maar ook met chauffeurs en vakbonden. Als ik met die laatste praat, gaat het vooral over heel concrete probleempjes. Iemand had eens te weinig loon gehad, iemand anders kreeg zijn verlofregeling niet goedgekeurd. Als ik dan vraag of er ook diepere oorzaken zijn om te staken, krijg ik als antwoord dat er een zinnetje in het regeerakkoord staat over een benchmark (De Lijn moet volgend jaar bewijzen dat ze de concurrentie met de privésector aankan, nvdr), of over het proefproject waarbij we in 2023 in één vervoersregio een privéconcurrent willen aanstellen voor De Lijn.”

De vrees is dat u De Lijn wil privatiseren.

“De privatisering van De Lijn is zeker niet mijn ultieme doel. Ik wil een performant en modern overheidsbedrijf dat zorgt voor stiptheid. Het vertrouwen van de klant staat vandaag op 62 procent, dat is zeer laag. Vergeet ook niet dat er in mei sociale verkiezingen zijn. De concurrentie tussen de vakbonden is groot. Daar komt nog bij dat De Lijn sinds 2017 in een veranderingsproces zit, waarbij de vijf provinciale afdelingen zijn samengesmolten. Daarmee is een besparing doorgevoerd inzake materieel en personeel. Zo’n proces wekt altijd wat wrevel op.”

Feit blijft dat De Lijn te weinig chauffeurs...

(onderbreekt) “Het stoort mij als men daarover begint, want dat heeft niks te maken met de budgettaire middelen. De Lijn heeft te kampen met een enorme vergrijzingsgolf. Vorig jaar, dit jaar en ook volgend jaar gaan heel veel mensen met pensioen. Tegelijk is er de krapte op de arbeidsmarkt. Dat zorgt voor problemen. Maar toch is men erin geslaagd om van januari tot nu al 470 nieuwe mensen aan te werven.”

Net nu wil u een gegarandeerde dienstverlening invoeren om ook op stakingsdagen regelmatig bussen en trams te laten rijden. Begrijpt u dat dit niet op gejuich wordt onthaald?

“Een gegarandeerde dienstverlening is geen breking van het stakingsrecht. Dat respecteren we. Maar als je de afgelopen vijf jaar ziet hoeveel er gestaakt is bij De Lijn, dan is dit in het belang van de werkwilligen en zeker de reizigers. Ik wil de gegarandeerde dienstverlening laten uitwerken door de sociale partners en het management van De Lijn. Ik hoop dat ze daar een consensus over kunnen vinden. Zo niet zullen we zelf initiatief nemen. Het werkt bij de NMBS en in de gevangenissen, waarom kan het dan niet bij De Lijn?

Vanaf wanneer moet die gegarandeerde dienstverlening er zijn?

“Op dit ogenblik is er sociale onrust, dit is niet de goede timing om over die gegarandeerde dienstverlening te beginnen. Maar van het moment dat de rust is teruggekeerd, is het aangewezen om daar eens over na te denken. Sommigen mensen vragen om te wachten tot mei, als de sociale verkiezingen rond zijn. Voor mij kan dat ook.”

Is de onrust bij De Lijn ook niet het gevolg van de besparingen in de vorige legislatuur?

“Er is inderdaad bespaard in het verleden. Maar belastinggeld moet je op de juiste manier besteden. Vroeger had De Lijn vijf provinciale diensten met een eigen ICT-dienst, eigen magazijn met alle mogelijke onderdeeltjes van alle mogelijke bussen. Dat doet vandaag geen enkel bedrijf. Je boekt dus sowieso efficiëntiewinsten door alles centraal aan te sturen. En straks zal De Lijn in de vervoersregio’s nog het kernnet en het aanvullend net uitvoeren, maar in principe niet langer het vervoer op maat. Ook daarmee boek je winst. Ik kom zelf uit Noordoost-Limburg, de blinde vlek op alle kaarten over openbaar vervoer. In die perifere gebieden moet je durven toegeven dat het niet economisch verantwoord is dat er lege bussen rondrijden. Ik geloof heel erg in de toekomst waarbij we andere vervoersmiddelen attractiever maken: fietsen, speedpedelecs, maar ook meer en betaalbaardere taxi’s dankzij het nieuwe Taxi-decreet.”

Maar is het niet vreemd dat er weinig ambitie wordt getoond op het vlak van openbaar vervoer? We rijden ons vast, moet er dan niet net meer geld gaan naar openbaar vervoer?

“We hebben wel degelijk ambitie, maar wat voor zin heeft het om meer te investeren in extra bussen als die ook in de file staan? Ik heb net de portefeuille waar de meeste extra middelen naartoe gaan: maar liefst 635 miljoen extra deze legislatuur.”

Maar dat geld gaat vooral naar infrastructuur.

“Onder andere naar aparte busstroken, zodat we de bus attractiever maken. Maar ook naar fietsinfrastructuur. We moeten al het mogelijke doen om niet de auto, maar alle andere vervoersmodi aantrekkelijker te maken. Denk bijvoorbeeld aan speedpedelecs, de fietspaden die we vandaag hebben zijn daar niet geschikt voor. Het stijgend aantal verkeersongevallen met zwakke weggebruikers toont dat aan. Er zijn meer fietsers en die fietsers hebben hogere snelheden. We hebben nood aan bredere en snellere fietstrajecten.”

Een oplossing zou ook de kilometerheffing kunnen zijn. Is die volledig van tafel?

“Er komt binnenkort een studie aan die nog besteld is door mijn voorganger Ben Weyts. Ik zal die bekijken, maar het kan niet dat mensen die het verste van de Vlaamse Ruit wonen en het meeste kilometers moeten afleggen omdat er geen openbaar vervoer is in Limburg of West-Vlaanderen, dan ook nog eens het meeste moeten betalen.”

Tenzij je een gedifferentieerde heffing maakt.

“In Vlaanderen zou je dan naar een systeem moeten gaan waarbij je alleen betaalt als er file is, maar het is eigenlijk al bijna continu file. Daar moeten we ook eerlijk over zijn. Ik wil de kilometerheffing wel overwegen, maar alleen als er voldoende alternatieven zijn en op voorwaarde dat het een heel gedifferentieerd systeem is. Waarbij niet alleen de Limburger de dupe is. De vraag is trouwens ook of je de heffing niet heel hoog moet maken om een impact te hebben op de files. Je kan - zoals Brussel wil doen - de eigen burgers een vrijstelling geven op de verkeersbelasting, maar ik vraag mij af of zo’n systeem de discriminatietoets van Europa zal doorstaan.”

Laten we het tot slot hebben over de mobiliteit in Limburg. De laatste Limburgse minister van Mobiliteit, Steve Stevaert, beloofde ons het Spartacusplan. We zijn nu 16 jaar verder en er is nog altijd niets gebeurd op het terrein.

“Ik wil deze legislatuur een tram zien rijden van Hasselt naar Maastricht. Het is heel duidelijk de ambitie van deze regering om niet alleen die Spartacuslijn 1, maar ook lijn 2 naar het Maasland en lijn 3 naar Noord-Limburg te realiseren.”

Maar zo lang er niets zichtbaar is, geloven de mensen u niet meer.

“Kijk, we weten dat er hier en daar wat ruis op de lijn zat, maar nu is er een consensus tussen de drie regeringspartijen over hoe het traject van de tram in Hasselt moet lopen. We verwachten dat we tegen 2024 een tram kunnen laten rijden tussen Hasselt en Maastricht. Ik hoop alleszins de minister te zijn die de schup in de grond zal steken.”

Het nieuwe tracé over de Hasseltse kleine ring kan wel opnieuw voor vertraging zorgen. Is er geen nieuw milieueffectenrapport nodig?

“Er zijn een aantal mensen die dat beweren, maar dan zeg ik: bewijs me dat eens? Zo heel groot is de afwijking in het tracé ook niet. Ik heb alle plannetjes naast elkaar zien liggen en het traject dat de drie politieke partijen nu voorstellen is ook veel aannemelijker dan het tracé dat De Lijn voorstelde. Het is nu aan ons om hen te overtuigen. We zijn op dit ogenblik de procedures aan het bekijken. Ik hoop dat dit niet voor tijdverlies zal zorgen, want elke procedure die je moet heropstarten brengt vertraging met zich mee.”

En de Noord-Zuidverbinding?

“Ook daarmee hebben we de ambitie om deze legislatuur te landen. Er zijn nu zeven voorkeursvarianten. Daar zitten heel wat mooie voorstellen tussen.”

Maar u zult finaal de knoop moeten doorhakken.

“Tegen januari of februari 2020 zal de werkvennootschap samen met alle partners een nota voorleggen waarin een draagvlaktracé wordt voorgesteld waarvoor de meeste steun is. De regering zal daarna het voorkeurstracé afkloppen.”

Wat is uw eigen voorkeur? De tunnels door de centra van Houthalen en Helchteren?

“Ik heb misschien wel een voorkeur, maar ik mag niet vooroplopen op de beslissing. Dat zou gevaarlijk zijn.”

Er zijn natuurlijk een aantal opties mislukt in het verleden. De westelijke omleidingsweg is door de Raad van State afgewezen. De mogelijkheden zijn niet oneindig meer.

“Het hoort bij het proces als complex project om opnieuw alle alternatieven te onderzoeken. Anders zou dat getuigen van vooringenomenheid.”

Maar we mogen noteren dat u de minister zult zijn die de werken aan de Noord-Zuid zal starten?

“Ik zal dat lintje doorknippen. Daar geloof ik in. We zitten vandaag met drie Limburgse ministers in de Vlaamse regering. Het zou een blamage zijn voor ons allemaal als het nu niet zou lukken.”