Viceminister-president van de Vlaamse Regering
Vlaams minister van Begroting, Financiën, Energie, Cultuur, Media en Jeugd

"Zonder chauffeur speel ik vijf uur per dag kwijt"

Deel: LinkedIn

Het Belang van Limburg - Hanne De Belie | 12 Januari 2019

Van burgemeester van Dilsen-Stokkem tot Vlaams minister van Begroting, Financiën en Energie. Nieuw jaar, ieuwe job voor Lydia Peeters. Mét een eigen chauffeur: haar ultieme lifehack om tijd te besparen. “De rit naar Brussel duurt minstens twee uur”, zegt ze. “Dankzij die chauffeur kan ik werken in de wagen: bellen, mails beantwoorden, dossiers lezen. Alleen zingen achter het stuur kan niet meer.”

“Ik ga nog even mijn tijd benutten en de aktes van de eedaflegging van de gemeenteraad tekenen”, glimlacht Lydia Peeters terwijl we ons installeren voor het interview in het gemeentehuis van Dilsen-Stokkem. Het zijn haar laatste dagen als burgemeester. Na achttien jaar hangt ze haar sjerp aan de haak. Niet omdat ze niet meer verkozen is. Integendeel: Lydia Peeters zou aan haar vierde ambtstermijn als burgermoeder van de Maaslandse gemeente beginnen. Tot Vlaams minister van Begroting, Financiën en Energie Bart Tommelein besloot om al op 1 januari burgemeester van Oostende te worden. Open Vld- voorzitter Gwendolyn Rutten wees Lydia Peeters aan als zijn opvolger. Op 9 januari legde ze de eed af als minister. Op 26 mei zijn het opnieuw verkiezingen.

Proficiat mevrouw de minister. Had u dit zelf verwacht?

“Helemáal niet. Ik kreeg een telefoontje van Gwendolyn met de vraag om langs te komen. Mijn man Jan zei: wie weet word je minister! Ik moest lachen, want dat lag totaal niet in de lijn van de verwachtingen. Toen Gwendolyn zei dat Bart Tommelein nu toch ging stoppen als minister, dacht ik: wie weet heeft Jan gelijk.”

En hij had gelijk. Binnen vijf maanden zijn het wel al opnieuw verkiezingen. Kan u als minister in zo'n korte tijd nog iets verwezenlijken?

“Er moeten nog een aantal belangrijke beslissingen genomen worden. Alle drie mijn bevoegdheden zijn te belangrijk om een half jaar niets mee te doen. Het hele verhaal van de digitale meter, die geregeld in het nieuws komt. Je zit ook met de energieschaarste. Je kan wel zeggen: iedereen moet zo veel mogelijk overstappen naar hernieuwbare energie, maar dan kun je niet een half jaar niets doen.”

U zegt het zelf al: er moeten knopen doorgehakt worden. Kan u goed knopen doorhakken?

“Ik denk het wel. Ik zit hier achttien jaar als burgemeester. Uiteindelijk ben je dan ook leidinggevende en degene die finaal A of B moet zeggen.”

U heeft zich in een paar weken tijd moeten inwerken. Bent u een dossiervreter?

“Ik moet wel. Wat ik de voorbije maand vooral gedaan heb is kennismaken met de kabinetten en afdelingen. Ze hebben me goed gebrieft en goede nota's gegeven. Nu moet ik volop studeren en de dossiers bekijken, me bevragen, nog wat dieper ingaan op alles.”

Wat voor een minister wil u zijn? Eén met een vrouwelijke toets?

“Als burgemeester sta je dicht bij de mensen en dat is voor mij een belangrijk gegeven. Ook als minister. Hoeveel mensen nu al naar me zijn toegekomen over de digitale meter: je ziet dat ze met schrik zitten. Je doet in eerste instantie aan politiek om iets te veranderen, iets te verwezenlijken met de bedoeling om mensen te helpen. Ik weet niet of dat puur de vrouwelijke toets is, maar voor mij is dat menselijke heel belangrijk.”

Gaat u de sjerp missen?

“Het gaat een beetje raar zijn. Ik kom al achttien jaar lang dagelijks in het gemeentehuis. Op zaterdag zijn er de huwelijken. Ik zal het voor een stukje missen. Al zal ik als minister nauwelijks tijd hebben om er vaak bij stil te staan. Ik blijf ook voorzitter van de gemeenteraad om die voeling met de gemeente te behouden.”



U was 31 toen u burgemeester werd. Piepjong, lijkt me?

Nu zijn er meer jonge burgemeesters, maar ooit was ik de jongste vrouwelijke burgemeester van Vlaanderen. Ik heb toen in Flair gestaan: vrouwen aan de macht. Die heb ik laatst met opruimen teruggevonden.”

Er wordt gezegd dat u minister bent geworden omdat u een vrouw bent. Is dat zo?

“Gwendolyn heeft heel duidelijk aangekondigd dat ze meer gendergelijkheid in de regeringen wil en bij de lijstvorming. Ze heeft dat aangekondigd en toen Bart Tommelein wegging, wilde ze een vrouw op zijn plaats. Ze heeft haar woord gehouden.”

Van burgemeester tot minister: uw dagen zullen er plots heel anders uitzien.

“Mijn agenda ligt grotendeels vast. Ik moet sowieso elke dag naar Brussel. Maandag is het partijbureau, dinsdag fractie en commissievergaderingen, woensdag ook commissie en de plenaire en donderdag wordt meestal door het kabinet ingevuld met tal van afspraken. Om vrijdag te eindigen met de ministerraad. Het zullen lange en goed gevulde dagen zijn.”

Tot nu werkte u thuis om de hoek. Ziet u op tegen de verplaatsingen naar Brussel?

“Ik ging al twee dagen per week naar Brussel voor het Vlaams Parlement. Het grote verschil is dat ik nu een chauffeur krijg. Die uren in de auto, wachten in de file: dat zijn verloren uren. Nu kan ik tenminste werken.”

Is het niet vreemd om plots een chauffeur te krijgen?

“Daar kun je niet buiten als minister. Ik moet minstens twee uur per rit tellen en in de piekuren twee en een half uur. Als je geen chauffeur hebt, speel je vijf uur per dag kwijt. Het was wel een beetje mijn auto mijn vrijheid. Je rijdt zelf, je kan eens meezingen met de radio (lacht). Dat zal er niet meer bij zijn.”

Ook de impact op uw gezin zal niet min zijn...

“Mijn man gaat proberen om wat vaker van thuis uit te werken. Mijn dochter Stefanie is dertien, ze zit in het tweede middelbaar. Ze is al veel gewoon, maar je kan niet zeggen: trek van 's morgens vroeg tot 's avonds laat je plan. Mijn man zal meer tijd moeten opofferen omdat ik weet dat ik sowieso lange dagen in Brussel zal hebben. De quality time zal voor in de weekends zijn. Stefanie is alleszins wel heel fier en blij dat ik minister ben.”

Stefanie zit in haar puberteit. Is ze aan het puberen?

“Niet echt. Stefanie is heel braaf en lief. Een heel rustige.”

Was u zelf een echte puber?

“Ik was ook eerder stil en rustig.”

Nooit de boel op stelten gezet?

“Neen. ( aarzelt) In Leuven misschien wel wat meer, maar dan ben je niet meer aan het puberen, hé. Tijdens je studententijd moet dat wel eens kunnen.” ( lacht)

Herkent u veel van uzelf in Stefanie?

“Aan de ene kant is Stefanie een rustige en een zachte. Aan de andere kant wil ze ook wel wat het leiderschap claimen. Mijn man is bij de Rotary, en zij heeft nu de jeugdafdeling opgericht. Ze zit ook in het leerlingenparlement. Ze blijft wel zeggen dat ze geen burgemeester wil worden, dat ze niet in de politiek gaat. Ze wil eerder advocaat worden.”

Welke leeftijd vond u als mama de mooiste?

“Eigenlijk is elke leeftijd mooi. Als ze klein zijn en alles beginnen te ontdekken. Die Sinterklaastijd. Maar nu ook: alles is leuk en fijn. We zijn nu drie dagen naar Londen geweest en daar kunnen we echt samen van genieten. Shoppen, toeristische dingen bezoeken. Even alles loslaten.”

U werd mama toen u al burgemeester was. Maakte dat het moederschap extra zwaar?

“Heel vaak wordt die vraag gesteld: vrouw en politiek of burgemeester en kinderen. Maar uiteindelijk moet je altijd alles goed proberen te doseren, je agenda's naast elkaar leggen en goede afspraken maken. Iedereen die een job heeft moet dat doen. Of je nu burgemeester, leidinggevende of journalist bent.”

Ligt u ooit op de zetel?

“Ja, maar meestal heb ik de iPad dan nog bij me en ben ik mijn mails aan het bekijken. Ook als ik samen met mijn dochter naar een film kijk. We zijn dan toch samen.”

Als u nu van mij een uur tijd cadeau zou krijgen: wat zou u dan doen?

“Met ons drietjes iets lekkers gaan eten. Alleszins iets met de familie gaan doen. Gaan eten: dat is iets wat we vaker doen. Om samen wat te kunnen babbelen. Meestal is dat niet gepland.”

Volgende week wordt u vijftig. Groot feest?

“Als we daar tijd voor hebben. Het valt nu allemaal wat op een hoopje. Ik ben nog helemaal geen meester over mijn agenda op dit ogenblik, maar ik moet stilletjes aan iets beginnen te plannen.”

Ziet u er tegenop om vijftig jaar te worden?

“Ik ben daar niet zo fel mee bezig. Ik voel mij nog altijd hetzelfde. 49 of 50: het ligt allemaal heel dicht bij elkaar. Sommige mensen moeten een dag in bed gaan liggen. Ik ken dat niet, die blues. Je bent maar zo oud als je je voelt. Dikwijls denk ik: ik ben nog hetzelfde als vroeger. Maar als je dan foto's naast elkaar legt, zie je dat je toch wel verouderd bent.”

Doet u iets om het verouderen tegen te gaan?

“Ik smeer mijn crèmekes. We hebben thuis ook een loopband en een powerplate. Maar helaas staan die vaak stil.” (lacht)

Als u de tijd kon terugdraaien, naar welk moment in uw leven zou u graag teruggaan?

“Er zijn tal van mooie momenten. Toen ik voor de eerste keer tegen alle verwachtingen in burgemeester werd. En zeker ook toen Stefanie geboren werd.”

Is er iets dat u anders zou doen?

“Ik denk dat ik al bij al met een tevreden blik kan terugkijken. Er is niet iets dat ik anders had willen doen. Soms denk ik wel: moet ik niet wat meer tijd en aandacht aan Stefanie geven en meer van haar genieten, want ze wordt toch zo groot. Die dertien jaar zijn voorbijgevlogen. Natuurlijk is mijn job ook mijn hobby, mijn passie. Maar Stefanie komt op de eerste plaats. Samen met Jan.”

U bent uw carrière destijds gestart als advocaat. Komt die toga nog ooit terug van de haak?

“Mijn toga hangt thuis nog. Ik zou hem nog kunnen aandoen. Dat zal de toekomst moeten uitwijzen. Ik deed mijn job als advocaat heel graag. Maar toen Stefanie geboren werd, heb ik beslist dat ik niet én een goede burgemeester én een goede advocaat én een goede mama kon zijn. Ik zat toen ook nog in de provincieraad.”

Wat wil u nog graag bereiken voor uw zestigste?

“Ik wil nu in eerste instantie die job als minister zo goed mogelijk invullen. En ik hoop dat we straks met de parlementaire verkiezingen een mooi resultaat kunnen neerzetten. Dat zijn doelen die vrij kortbij liggen. Om verder vooruit te kijken… Tja: wat komt, dat komt. Zeker omdat politiek vrij onvoorspelbaar kan zijn. De verkiezingen zijn telkens weer een gok.”