Alarm over omzendbrief Schauvliege: 'Tot helft bouwgrond wordt onbebouwbaar'

Deel: LinkedIn

​Een nieuwe omzendbrief van minister Joke Schauvliege die heel Vlaanderen indeelt in ‘bebouwd’ of ‘niet-bebouwd gebied’ zorgt weer voor commotie.

Vlaams parlementslid Lydia Peeters en UHasselt professor Stijn Verbist spreken van een ‘boskaart bis’. Volgens de Confederatie Bouw kan in sommige gemeenten de helft van de bouwgronden onbebouwbaar worden.

“Die omzendbrief deelt Vlaanderen in in bebouwde en onbebouwde gebieden. Nieuwe begrippen die niet in de wet staan. Bovendien moet wie wil bouwen in een zogezegd ‘onbebouwd gebied’, nu eerst via een studie bewijzen dat er elders geen plaats is”, zeggen Peeters en Verbist.

De Confederatie Bouw heeft - als voorbeeld - uitgezocht welke impact dit zou hebben voor Gingelom en voor Herk-de-Stad. “De helft van de bouwgronden worden er in de praktijk onbebouwbaar”, zegt woordvoerder Marc Dillen. “De eigenaars zullen zelf moeten betalen voor die studie terwijl de kans reëel is dat de bouwvergunning wordt geweigerd.”

Minister Joke Schauvliege deelt in haar omzendbrief van 7 juli 2017 de ruimte in twee: onbebouwde en bebouwde gebieden. De bebouwde gebieden zijn “gebieden die samenvallen met de stedelijke gebieden, geselecteerde kernen en overige woonconcentraties en de bedrijventerreinen”, zo staat in de omzendbrief. “Al de rest wordt beschouwd als onbebouwd gebied”, legt Lydia Peeters uit. “Ook percelen die bestemd zijn voor wonen, industrie of recreatie, kunnen in een ‘onbebouwd gebied’ liggen, zelfs als er al gebouwen staan. Er staat letterlijk: geïsoleerde, versnipperde of gebouwen die geen compact of samenhangend geheel uitmaken, verhinderen niet dat het gebied waarin deze (gebouwen) gelegen zijn als onbebouwd gedefinieerd kan worden.”

“Gemeenten moeten zich bij het uitreiken van bouwvergunningen nu al houden aan de omzendbrief”, zegt Lydia Peeters (Open Vld). “Wie dus wil bouwen in zogenaamd ‘onbebouwd gebied’ moet nu eerst een studie uitvoeren die aantoont dat er voor je gebouw geen plaats meer is in een dorp of een woonkern in de buurt, en dit ongeacht de geldende bestemmingsvoorschriften, zo lezen we in de omzendbrief (p.13).” 20170707_VR_OmzendbriefRuimtelijkTransformatiebeleid.pdf

Geen decretale basis!

Een omzendbrief betekent dat je uitleg of interpretatie geeft aan een wet of decreet”, zegt professor Stijn Verbist van Universiteit Hasselt, gespecialiseerd in rechtsbescherming tegen de overheid en ruimtelijke ordening. “Maar Schauvliege gaat veel verder dan dat, ze geeft interpretatie aan iets dat geen decretale basis heeft. Ze komt eigenlijk met een nieuwe regeling over de bestemming van gronden. Die tweedeling ‘bebouwd’ en ‘onbebouwd gebied’ staat niet in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. Schauvliege zet de bestemmingen woongebied, woonuitbreidingsgebied en industriegebied - die gronden in België gekregen hebben door de gewestplannen uit de jaren ‘70 - helemaal op de helling. Eigenaars hebben hierdoor geen rechtszekerheid meer. Als je grond in ‘onbebouwd gebied’ ligt, dan wordt het veel moeilijker die te ontwikkelen en dus daalt de waarde in de praktijk meteen.”

“Schauvliege is eigenlijk de betonstop al aan het uitvoeren. Een eerste stap was de boskaart, dit is de tweede. Bij de boskaart is ook pas iedereen wakker geschoten zodra je op een website per perceel kon bekijken of dat in een bos lag of niet, die oefening zouden ze voor deze omzendbrief ook moeten maken. Dan weet meteen iedereen of die nu in ‘bebouwd gebied’ een eigendom heeft of niet. Want dat is nu niet duidelijk", besluit Peeters.