Bezorgdheid om financiële slagkracht van lokale besturen

Deel: LinkedIn

Vlaanderen zet in op bestuurskrachtige en verantwoordelijke lokale besturen, die een sterke lokale democratie koppelen aan kwaliteitsvolle dienstverlening.

Om echter daadkrachtig te kunnen besturen, zijn ook de nodige financiële middelen onontbeerlijk. In mijn schriftelijke vraag van 21 oktober uitte ik bij bevoegd minister Homans dan ook een aantal bezorgdheden hieromtrent.

Recent werden er een aantal maatregelen genomen die steden en gemeenten financiële slagkracht doen verliezen. Zo wordt onder meer de compensatie voor de vrijstelling van onroerende voorheffing op materieel en outillage vanaf 2016 afgeschaft voor de provincies en de gemeenten. Voor heel wat gemeenten betekent dit een serieuze financiële aderlating. Om Dilsen-Stokkem als voorbeeld te nemen, gaat het om een verlies van 256.475 euro per jaar vanaf 2016. Voor de volledige planperiode 2016-2019 is dat een totaal verlies aan gemeentelijke inkomsten van maar liefst 1.025.900 euro!

Eerder werd ook al de inkanteling van de sectorale middelen in het gemeentefonds goedgekeurd, -zonder indexering-, én kregen we recent van VLABEL de aangepaste ramingen van de opbrengsten van de onroerende voorheffing die een pak lager liggen dan de eerder gecommuniceerde ramingen. Dit alles heeft zware consequenties voor de opmaak van de budgetten en meerjarenplannen van de lokale besturen.

De minister was in haar antwoord vrij bondig door te stellen dat nieuwe omstandigheden en een gewijzigde context deels het begrotingsbeleid van de verschillende overheden bepalen. “Door een aantal factoren was de Vlaamse regering genoodzaakt om begin oktober tot enkele bijkomende maatregelen te komen voor het budget 2016 die ze niet eerder kon communiceren aan de lokale besturen,” aldus minister Homans.

Net zoals heel wat collega-parlementsleden én burgemeesters betreur ik deze gang van zaken. Door inkomsten, die waren ingeschreven in het gemeentelijk budget en meerjarenplan, halverwege een legislatuur plots af te schaffen of niet te indexeren, worden steden en gemeenten voor voldongen feiten gesteld en gedwongen andere inkomsten te zoeken of investeringen te schrappen.

Het is alom geweten dat de gemeenten sinds het uitbreken van de financieel-economische crisis met financiële druk kampen. Efficiëntie-oefeningen zijn reeds gebeurd en moeten nog gebeuren, maar ook deze hebben hun limieten. Desondanks hebben alle steden en gemeenten in het kader van de BBC een meerjarenplanning tot en met 2019 moeten opmaken die financieel in evenwicht is. Deze planning wordt door de recente maatregelen van de Vlaamse regering grondig verstoord en een bijna onmogelijke opdracht naar de toekomst toe.

De recente beslissingen komen het vertrouwen van de lokale besturen in de Vlaamse overheid niet ten goede. Ik zal dan ook bekijken of er alsnog iets kan ondernomen worden tegen deze ingrijpende maatregelen en de nodige aandacht blijven vragen voor de financiën van de lokale besturen.