Instrumentendecreet moet zekerheid geven over volwaardige compensaties

Deel: LinkedIn

Op 3 oktober werd in de commissie leefmilieu gedebatteerd over de planschadevergoeding waar eigenaars recht op hebben wanneer hun eigendom of bouwkavel in waarde vermindert door een planproces en over de studie rond de maatschappelijk kostenbatenanalyse die de Vlaamse overheid bestelde in navolging van het witboek BRV.

Het proces van de opmaak van een nieuw Beleidsplan ruimte Vlaanderen, in opvolging van het structuurplan Ruimte Vlaanderen van 1997, werd gestart met de goedkeuring van een groenboek BRV welk dateert van 2011. Het witboek BRV werd goedgekeurd op 30 november 2016 en omvat strategieën om de verdere ruimte inname en verharding te stoppen. Er worden tevens doelstellingen en acties geformuleerd inzake ruimtelijk rendement en het terugdringen van het bijkomend ruimtebeslag.

Dit laatste wil men realiseren door “het bestaand juridisch aanbod” te neutraliseren, zeg maar harde bestemmingen op het gewestplan zoals woongebied, recreatiegebied en industriegebieden om te zetten naar zachte bestemmingen. Een dergelijk proces kost geld. Eigenaars wiens grond in waarde vermindert, hebben immers recht op een volwaardige compensatie.

Hoeveel dit transitieproces zal kosten is nog niet duidelijk, ondanks al het onderzoek dat reeds gebeurde. Meer dan eens waren er geruchten dat er minstens een bedrag van 1,5 miljard nodig was! Een bedrag dat momenteel niet op tafel ligt en dat wellicht nooit toereikend zal zijn om alle eigenaars van een vergoeding te voorzien.

Maatschappelijke kosten-baten analyse

In maart bestelde de Vlaamse overheid een studie om een grondige kosten baten analyse te maken. (zie hier mijn vraag en het antwoord van de minister daaromtrent). De resultaten van deze studie worden verwacht tegen december van dit jaar. Vreemd is dat deze kostenbatenanalyse zich in eerste fase enkel focust op woongebied. Er moeten dus nog heel wat verdere berekeningen gebeuren omdat er vooralsnog te weinig rekening wordt gehouden met de kosten die er eveneens zijn wanneer we niets doen. Ook bij een standstill van ruimte-inname zijn er immers kosten, zoals voor nutsvoorzieningen en overstromingen. De berekeningen in de studie hangen ook af van de instrumenten die je hebt en daarom zijn dit vooralsnog ruwe schattingen.

Planbaten/ planschade

Namens Open Vld waken we er over dat dit ruimtelijk transitieproces gepaard gaat met oog voor de eigendomsrechten van individuen. Wanneer iemands bouwkavel plots in waarde vermindert door het feit dat deze een andere bestemming krijgt, heeft de eigenaar recht op een volwaardige vergoeding. De huidige regeling inzake planschade regelt dit onvoldoende.

De aankondiging van de minister om te gaan naar een 100% regeling van de werkelijke waarde van een perceel (in plaats van de geactualiseerde verwervingswaarde), is alvast een stap in de goede richting. Dit in tegenstelling tot andere en eerdere initiatieven zoals de boskaart, het onderzoek naar het schrappen van woonuitbreidingsgebieden en de omzendbrief ruimtelijke transformatie naar onbebouwde en bebouwde gebieden. Bij deze laatste initiatieven kregen percelen een andere bestemming, zonder voorafgaandelijke inspraak en zonder recht of vooruitzicht op een 100% vergoedingsregeling. Zulke voorstellen, zonder een volwaardige compensatie in het vooruitzicht te stellen, wekken enkel onrust en dragen zeker niet bij tot het creëren van draagvlak bij de burgers.

Instrumentendecreet

Wat het Instrumentendecreet zelf en de timing ervan betreft, kon de minister meedelen dat de teksten klaar zijn en momenteel in politieke bespreking. Nadien gaat het decreet naar de Vlaamse Regering.

Volgens de minister liggen een reeks van instrumenten op tafel. Het gaat niet alleen over de harmonisatie van compenserende vergoedingen en koopplichten, maar ook over een pak nieuwe instrumenten zoals planologische ruil en verhandelbare bouwrechten. In de voorstellen die op tafel liggen wordt uitvoering gegeven aan de conceptnota over de harmonisatie van compenserende vergoedingen én worden alle vergoedingen herleid tot één eigenaarsvergoeding en één gebruikersvergoeding.

Volgens minister Schauvliege moeten we dit bekijken als een soort van instrumentenkoffer. Afhankelijk van wat men wil realiseren en in welk gebied, kan men andere instrumenten hanteren. Het is dus niet de bedoeling dat er enkel wordt ingezet op planschade en planbaten. Er zal tevens gestuurd kunnen worden op verschillende niveaus, op het vergunningenniveau maar ook op het niveau van de ruimtelijke uitvoeringsplannen.

De opmerking in de commissie als zal de ‘initiatiefnemer’ van een planproces een beslissing moeten nemen over welk instrument moet toegepast worden, roept alleszins op tot waakzaamheid. Het is aan de eigenaar om te beslissen over hoe hij een compensatie wil zien voor zijn geleden verlies.

De beslissing om in te stappen in een verhaal van verhandelbare ontwikkelingsrechten, aankoopplicht of een planschade vergoeding kan enkel met inspraak van de eigenaar.

Eigendomsrecht essentieel

Mensen met gronden in eigendom moeten minstens hun opgebouwd kapitaal kunnen behouden. Als men het ruimtelijk transitieproces wil doorzetten en dus een aantal harde bestemmingen van wonen en industrie wil omzetten naar zachte bestemmingen, moeten daar de nodige middelen voor worden voorzien. Wil men het bestaande juridische aanbod neutraliseren, zoals vermeld in het witboek, dan zullen de nodige schadevergoedingen op tafel moeten worden gelegd. Eenzijdige rechtshandelingen van de overheid maken burgers en grondeigenaars alleen maar nodeloos ongerust. Voor ons zijn de eigendomsrechten essentieel en dienen ze te worden gerespecteerd”, besluit Lydia Peeters.

Het volledige verslag van deze vraag om uitleg vindt u via https://www.vlaamsparlement.be/commissies/commissievergaderingen/1192337/verslag/1194148