Steeds meer emmisiearme stallen

Deel: LinkedIn

Het aandeel van de ammoniakemissiearme stallen in Vlaanderen is in de periode 2007-2014 gestegen van 4 tot 21 procent voor wat betreft varkens en van 14 tot 40 procent voor het pluimvee. Dat blijkt uit antwoord van Vlaams minister Joke Schauvliege, bevoegd voor Natuur en Landbouw, op een schriftelijke vraag van Lydia Peeters (Open Vld).

Ammoniak is een kleurloos gas dat een schadelijk effect heeft op de lucht, de bodem en het water. Landbouw en vooral de intensieve veeteelt zijn de belangrijkste bronnen. De Vlaamse overheid wil de hoeveelheid ammoniak die vrijkomt in de lucht onder meer terugdringen door de bouw van emissiearme stallen. Sinds 2003 moeten nieuwe varkens- en pluimveestallen gebouwd worden volgens één van de technieken die bepaald worden in een lijst van stalsystemen voor ammnoniakreductie. Voor rundvee en stallen waar biologisch wordt geproduceerd geldt die verplichting niet.

Het aandeel emissiearme varkensstallen was in 2014 het grootst in de provincie Antwerpen (23 procent), gevolgd door West-Vlaanderen (22 procent), Vlaams-Brabant (18 procent), Oost-Vlaanderen (16 procent) en Limburg (11 procent). Wat het pluimvee betreft liggen de percentages in de vijf Vlaamse provincies zeer dicht bij mekaar. Limburg scoort het best met 43 procent, gevolgd door Vlaams-Brabant (41 procent), West-Vlaanderen (40 procent), Antwerpen (39 procent) en Oost-Vlaanderen (38 procent).

In een reactie wijst Vlaams minister Schauvliege op het feit 'dat het aandeel emissiearme stallen zowel bij de varkens als bij pluimvee een duidelijke stijging vertoont over de jaren heen. "Door het ammoniakemissiereductiebeleid van de Vlaamse overheid worden veehouders die een nieuwe pluimvee- of varkensstal plaatsen verplicht om een emissiearme techniek toe te passen. Aangezien het aandeel van de productie in emissiearme stallen stelselmatig toeneemt voorzie ik geen bijsturing van het beleid", aldus de minister.