​Vereenvoudiging en versnelling van procedures en vergunningen blijft prioriteit!

Deel: LinkedIn

Lydia Peeters: “Uit recente cijfers die ik opvroeg aan Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw Joke Schauvliege, blijkt dat de doorlooptijd van een milieueffectenrapport (MER) het hoogst is in Limburg, alsook de gemiddelde doorlooptijd van beroepsdossiers bij de deputaties duurt het langst in onze provincie.

Een milieueffectenrapport (MER) is een onderzoek naar de mogelijke milieugevolgen van bepaalde activiteiten of ingrepen en wordt opgemaakt vóór de projecten of plannen worden uitgevoerd. Zo kunnen schadelijke effecten voor het milieu in een vroeg stadium worden ingeschat en opgevangen.

De wijziging van de regelgeving voor ruimtelijke uitvoeringsplannen ten einde de planmilieueffectrapportering en andere effectbeoordelingen in het planproces te integreren is broodnodig zodat er meer kansen ontstaan voor het maatschappelijk draagvlak en voor een efficiënter en meer gedragen beleidsproces. Naast deze belangrijke vereenvoudiging is echter ook uniformiteit in het Vlaamse vergunningenbeleid belangrijk. En hier knelt dus nog een serieus schoentje.

“Uit de cijfers blijkt dat de doorlooptijd van een MER in de periode 2014-2015 enorm verschilt van provincie tot provincie. Limburg spant de kroon met een gemiddelde doorlooptijd van een plan-MER van 722 dagen, terwijl dit in West-Vlaanderen ‘maar’ 331 dagen bedraagt. Voor beroepsdossiers bij deputaties bedraagt de gemiddelde doorlooptijd in Limburg 64 dagen, terwijl het Vlaamse gemiddelde 57 dagen is. Ik zal de minister bijkomend interpelleren over de redenen van deze significante provinciale verschillen. Gelet op de contrasten, zeker in de plan-MER doorlooptijd, lijkt een bijsturing hier alleszins aangewezen.”