​Verzet tegen afbakening archeologische zones in Vlaamse stadskernen

Deel: LinkedIn

“Op 16 oktober vroeg ik Minister-President Geert Bourgeois in een schriftelijke vraag naar het aantal bezwaarschriften dat werd ingediend bij de Vlaamse Commissie Onroerend Erfgoed tijdens het openbaar onderzoek van de inventaris van archeologische zones.Uit antwoord blijkt nu dat er 15 ontvankelijke bezwaarschriften, verspreid over heel Vlaanderen, werden ontvangen”, aldus Vlaams Parlementslid en burgemeester van Dilsen-Stokkem Lydia Peeters.

Waarover gaat het?

Deze inventaris brengt in kaart in welke gebieden archeologische resten of sporen in de grond zitten. Bij de selectie van zones speelden twee elementen een rol: er moest een goede aanwijzing zijn voor de aanwezigheid van archeologisch erfgoed én dat erfgoed moest nog voldoende goed bewaard zijn om archeologische waarde te hebben. Maar liefst 58 historische dorpskernen, waaronder Stokkem, werden er in heel Vlaanderen op deze uniforme manier vastgesteld.

Waarom een archeologische zone in Stokkem?

“Dat de stadswallen van Stokkem belangrijke elementen met historische waarde zijn, wordt niet ontkend”, aldus Lydia Peeters. “De stadswallen zijn beschermd als monument in 1999 waardoor archeologisch onderzoek kan opgelegd worden bij eventuele aanvragen tot stedenbouwkundige vergunningen aan deze wallen.”

Wat het stadsbestuur van Dilsen-Stokkem echter van bij aanvang vreemd vond bij de aanduiding van Stokkem als archeologische zone, is het feit dat alle historische kernen op dezelfde manier worden afgebakend. Dat lijkt ons een erg vreemde benadering, temeer daar elke historische nederzetting toch een andere historische evolutie kent, alsook een andere vorm van bewaring.

Beperkte archeologische waarnemingen in Stokkem hadden tot nu toe ook nog maar weinig relevante informatie opgeleverd. Daarnaast woedden er de voorbije eeuwen verschillende grote branden in het centrum van Stokkem die grote delen van de stad, en dus ook mogelijk erfgoed, in de as hebben gelegd.

“Wij zijn absoluut voor het behoud van waardevol erfgoed, maar er moet wel afdoende motivatie zijn”, aldus Peeters.

Naast het stadsbestuur van Dilsen-Stokkem tekenden nog 14 andere overheden en particulieren gelijkaardig verzet aan tegen de opname van hun stadskern in de inventaris van archeologische zones.

Wat belangrijk is, is dat naast het ontbrekende motivatie-aspect, het gevolg van een vaststelling als archeologische zone is dat men een bekrachtigde archeologienota moet toevoegen bij een verkavelingsvergunning of stedenbouwkundige vergunning als de totale oppervlakte van de kadastrale percelen 300m² of meer bedraagt en de betrokken percelen geheel of gedeeltelijk in de archeologische zone gelegen zijn.

Zo’n verplichte archeologienota kan de kosten hoog doen oplopen voor de eigenaars van het perceel.

Vervolg?

Uit het antwoord van de Minister-President blijkt dat er in de kern van Stokkem, sinds de gegevens systematisch worden bijgehouden in 2007, amper één prospectie werd uitgevoerd en geen enkele opgraving. Dit bevestigt ons vermoeden dat er geen concrete motivatie is om de volledige stadskern van Stokkem op te nemen als archeologische zone.

Bovendien zijn er in Stokkem niet minder dan 149 percelen 300m² of groter die geheel of gedeeltelijk binnen de afgebakende archeologische zone liggen!

Vlaams parlementslid en burgemeester Lydia Peeters hoopt dat de Minister-President rekening houdt met de bezwaren en argumenten van de verschillende lokale besturen en specifiek voor haar eigen stad zodat Stokkem niet wordt erkend als archeologische zone en eigenaars van de betreffende percelen niet onnodig op kosten worden gejaagd.