Uit een recent marktonderzoek naar de uitbouw van een voedsellandschap in het RivierPark Maasvallei blijkt dat er een breed draagvlak bestaat om landbouw, lokale producten en toerisme sterker te verbinden. Dat kan niet alleen de toeristische aantrekkingskracht versterken, maar ook nieuwe afzetmarkten creëren voor onze landbouwers. Volgens Vlaams Parlementslid Lydia Peeters (Anders.) ligt hier een grote kans voor Limburg én Vlaanderen, maar dreigt die verloren te gaan als er niet snel wordt doorgepakt. “Uit het rapport blijkt dat er potentieel is om streekproducten nog meer te verbinden met beleving in de Maasvallei. Dit moet dan ook omgezet worden in concrete actie, met ondersteuning voor landbouwers die hierin willen investeren”, stelt Peeters.
In Limburg wordt al langer vooruit gedacht over hoe landbouw, voeding en toerisme elkaar kunnen versterken. Het onderzoek bevestigt dat bewoners, bezoekers en ondernemers vragende partij zijn om landbouw zichtbaarder te maken en te koppelen aan beleving en korte keten.
Voor landbouwers kunnen zo nieuwe verdienmodellen ontstaan via rechtstreekse verkoop, agrotoerisme en streekproducten. Maar die omschakeling vraagt investeringen, tijd, aanpassingen en een bredere integratie met andere actoren en sectoren. Zonder duidelijke ondersteuning en economische zekerheid blijft het voor veel boeren een te groot risico. Te vaak worden goede ideeën onderzocht, maar ontbreekt de vertaalslag naar concrete uitvoering op het terrein. Dat leidt tot frustratie en gemiste kansen voor ondernemers. De Vlaamse Regering moet nu de regie nemen en zorgen voor een duidelijke strategie, met concrete acties, middelen en samenwerking tussen alle betrokken partners.
Limburg kan daarbij een voortrekkersrol spelen. De Maasvallei kan uitgroeien tot een proefproject dat aantoont hoe landbouw, toerisme en lokale economie elkaar versterken. Daarbij moet ook maximaal ingezet worden op de sterktes van de regio zelf. Denk aan de fruitsector, de hoogstamboomgaarden en de snel groeiende wijnbouw. Net die lokale verankering maakt een voedsellandschap authentiek én economisch relevant. De lessen en goede praktijken kunnen nadien uitgerold worden in andere regio’s in Vlaanderen.
Voor Lydia Peeters staat één zaak centraal: landbouwers moeten hier beter van worden. Zonder rendabel model, duidelijke begeleiding en minder drempels dreigt het concept dode letter te blijven. Ze pleit daarom voor een geïntegreerd actieplan dat landbouw, korte keten en toerisme effectief verbindt en dat inzet op minder drempels en meer kansen voor ondernemers op het terrein.
“Limburg kan hier de blauwdruk worden voor de rest van Vlaanderen. Maar dan moet er met deze studie ook iets gedaan worden. Geef landbouwers de ruimte om te ondernemen, zorg voor een rendabel model en verbind alle schakels. Alleen zo maken we van dit voedsellandschap geen gemiste kans, maar een succesverhaal voor heel Vlaanderen”, besluit Lydia Peeters.
De volledige vraag om uitleg vind je hier.
Delen op